
“We waren geen slecht gezin. We waren een moe gezin”
Vijf jaar geleden leefde Dees (54) in een druk, ogenschijnlijk succesvol gezinsleven: drie kinderen, een eigen bedrijf, vakanties, mooie spullen. Maar achter die façade werd de spanning steeds voelbaarder. Dees en haar ex-man waren twee mensen die veel van elkaar hielden, maar elkaar niet meer begrepen. “We waren 23 jaar samen, maar al lang geen match meer. Irritaties werden discussies, discussies werden schreeuwen. De kinderen voelden álles.”
De scheiding werd onvermijdelijk en was complex, zoals Dees het noemt. Alsof dat nog niet genoeg was, viel het samen met de coronaperiode én het overlijden van haar schoonmoeder: een vrouw die een enorme rol speelde in het leven van de kinderen. Terwijl het gezin rouwde, verhuisde en het bedrijf verkocht, begon de spanning bij alle kinderen, maar vooral de jongste Joep, steeds zichtbaarder te worden. Op school liep het mis. Thuis liep hij op zijn tenen.
Smeken om hulp
Dees en haar ex vroegen om hulp: rouwverwerking voor Joep, ondersteuning bij het vinden van een huis voor haar ex-man. “Hulp om weer rust in het gezin te krijgen, zodat wij ook weer de energie kregen om de situatie onder controle te krijgen.”
Maar tot hun frustratie werden ze telkens doorgeschoven. “Steeds weer een nieuwe wijkcoach, steeds weer opnieuw je verhaal doen. We waren zo uitgeput dat we soms niet eens meer konden reageren. Dan stond er meteen in een dossier: ouders werken niet mee.” De rouwverwerking waar ze om smeekten, bleek bovendien niet beschikbaar; het viel simpelweg niet binnen het ‘arrangement’ dat de gemeente had ingekocht.

Regels, geen maatwerk
Wanneer de ex-man van Dees onverwacht een zware hartoperatie krijgt, raakt Joep volledig ontregeld. Zijn gedrag wordt explosief, soms zelfs onveilig, en uit pure nood belandt hij in een crisisopvang. “Het voelde alsof we faalden”, zegt Dees. “We wilden dat hij hulp kreeg, maar die plek bood vooral regels. Geen maatwerk, geen warmte.” Joep komt weer thuis, maar daar was de situatie nauwelijks stabieler. “Ik deed alles alleen, had een drukke baan, geen vangnet. Ik kon het niet meer aan.
Mijn zoon had liefde nodig, iemand die naast hem kwam zitten. In plaats daarvan liep hij rond met ‘bewakers’ achter hem aan en werd hij gefixeerd omdat hij agressief was. Hij raakte alleen maar banger.”
Grote angst
Dan volgt het besluit dat Dees tot op de dag van vandaag het moeilijkst vindt: Joep wordt tijdelijk in een woongroep geplaatst. “Verschrikkelijk”, zegt ze met een breekbare stem. “Hij had liefde nodig, iemand die naast hem kwam zitten. In plaats daarvan liep hij rond met ‘bewakers’ achter hem aan en werd hij gefixeerd omdat hij agressief was. Hij raakte alleen maar banger.”
Zelf leeft Dees ondertussen onder permanente spanning. “Je leeft in een constante stand van indekken. Je móét alles melden, anders staat de Raad voor de Kinderbescherming op de stoep. Het is angst. Ik wil eerlijk zijn, maar één verkeerd woord kan verkeerd vallen. Ik weet nu precies hoe processen werken, hoe je netjes moet formuleren. Maar als je dat niet kunt… dan ben je weg.”

Verbreken banden hulpverlening
Joep mist thuis, belt soms twintig keer per dag, loopt weg en belt zijn moeder vanaf het station. Dan breekt er iets in haar. Ze haalt hem op, verbreekt de lijnen met de huidige hulpverlening en zoekt opnieuw hulp. Dit keer bij mensen die buiten de kaders durven denken. Er komt begeleiding die luistert, die meedenkt, die ook naar Dees zélf kijkt. “Voor het eerst voelde het alsof ík gezien werd. Dat maakte alles anders.”
Als iemand gewoon een middag per week was komen helpen in het huishouden, of met mijn zoon iets leuks doen had dat meer verschil gemaakt dan vijftien wijkcoaches.”
Extra trauma
En Joep? Die kampt nu met extra trauma’s. “Hij had vooral rust en steun thuis nodig, maar wij hadden geen energie meer. Als iemand gewoon een middag per week was komen helpen in het huishouden, of met Joep iets leuks doen had dat meer verschil gemaakt dan vijftien wijkcoaches.”
Langzaam keert de rust terug. Joep woont bij zijn vader en voelt zich er veilig. Dees volgt systeemtherapie, de communicatie tussen de ouders verbetert. “We zijn op een pijnlijke manier wijzer geworden”, zegt ze. “Joep was nooit het probleem. Wij moesten anders gaan doen. En dat doen we nu.”
Deze persoonlijke verhalen zijn onmisbaar om politici en beleidsmakers te laten zien dat het anders moet. We zijn dankbaar en trots op de ervaringsdeskundigen die met hun verhaal bijdragen aan het aanjagen van verandering.

In Nederland zijn 41.000 kinderen uit huis geplaatst. Terwijl gezinshulp dat vaak kan voorkomen.
Strijd mee tegen onnodige uithuissplaatsingen. Teken de petitie gezinshulp eerst.


